Boorn & Boerschop 2002-01: ONZE OUDE STEPHANUSKERK NADER BEKEKEN 12

Auteur: A.A. ten Kate

De Boom van Jesse

De muurschildering die wij heden willen bekijken lijkt wel op een plaat uit een bijbels prentenboek. Een stamboom aan de hand van portretten, maar zonder namen. Rechts beneden zien wij de stamvader Isaï (of Jesse). Vanuit Jesse komt een grote tak met zijtakken en bloemmotieven. Tussen de takken en ranken staan 12 figuren in 4 rijen. Deze mannen hebben allemaal een scepter in de hand en het hoofd bedekt met een kroon, muts of een jodenhoed. De boom eindigt bovenin met Maria met het kind Jezus op de arm. Maria staat op een witte maansikkel. Zowel Maria als Jezus zijn omgeven door een mandorla (groen) met rode stralen. Een mandorla is een amandelvormig afbeelding met daarin het beeld van een heilige met een aureool (= stralenkrans).

Na Isaï (de vader van koning David) worden diens 12 nakomelingen afgebeeld. Deze worden in de Bijbel bij Matthéüs genoemd en worden hieronder met name vermeld.. In het midden onder, is koning David voor ons allen te herkennen. Dat is te zien aan zijn harp. De andere figuren zijn veelal niet te benoemen. Oorspronkelijk geldt “de Boom van Jesse” als de stamboom van Christus, als zoon van Jozef. Door de Maria-cultus is dat beeld later veranderd en neemt Maria de plaats in van haar zoon. Dat de stamboom de voorouders van Jozef weergeeft en niet die van Maria, was blijkbaar geen probleem! In de Bijbel is het motief voor deze stamboom te vinden in het Oude Testament bij Jesaja: “Een loot ontspruit aan de stronk van Isai; een scheut bloeit op uit zijn wortels” (Jesaja 11 : 1).

Afb. 01: De prachtige muurschildering van de boom van Jesse in de Bornse kerk

De vorm van de boom is opmerkelijk, in die zin, dat de boom ontspringt in de rechter benedenhoek. Deskundigen achten het goed mogelijk dat een gewijd handschrift hiervoor model heeft gestaan. Oude religieuze geschriften werden nogal eens voorzien van decoraties rond een beginletter. Sommigen denken dat als voorbeeld van deze Boom van Jesse, een versierd medaillon met daarin een afbeelding van Jesse heeft gediend. Hieruit is te verklaren dat de boom naar links “is gegroeid” en de stamvader Jesse door plaatsgebrek onder de boom en niet naast de boom kon worden geschilderd.
Anderen denken dat de boom rechts ontspruit om een relatie aan te geven met de schildering op het wandvlak rechts: “de Heilige Maagschap” (zie aflevering 9 en 10 in deze artikelenserie). Als symbool voor de “onbevlekte ontvangenis” van Maria (d.w.z. volgens R.K.-begrippen: niet bevlekt door de smet van de erfzonden) gelden immers de beide wandschilderingen.

In Nederland bevinden zich in nog zeven andere kerken, wandschilderingen van de “Boom van Jesse”. De wijze waarop deze in de Bornse kerk ontspringt, wordt volstrekt uniek en zonder parallel genoemd. Tot slot volgen hier nog de namen van de overige gekroonde hoofden die evenals David in de stamboom zijn opgenomen: Salomo, Rehábeam, Abia, Asa, Jósafat, Joram, Uzzia, Jotham, Achaz, Hizkia en Manasse.

A.A. ten Kate.

(–> naar PDF-versie van deze publicatie)

(–> naar Inhoudsopgave 2002-01)

(–> naar Boorn & Boerschop pagina)